Wat? Een interview over zelfverwondend gedrag.
Wie? Met Laurence Claes, doctor in de psychologie, gedragstherapeute en docent klinische psychodiagnostiek aan de KU Leuven.
Waar? In APPeL, het alumnitijdschrift van de faculteit Pedagogie en Psychologie van de KU Leuven.
Wanneer? In september 2007.
Een ‘handboek’ op weg naar de doelgroep
Zelfverwondend gedrag moet bespreekbaar worden
door Maartje Luif
Taboedoorbrekend moet het zijn. En toegankelijk. Het liefst binnen handbereik van zowel jongeren als ouders en leraren. Het boek Zelfverwonding - Hoe ga je ermee om? van Laurence Claes en Walter Vandereycken moet een moeilijk
bespreekbaar onderwerp bespreekbaar maken. De grote vraag is: hoe doe je dat?
Als het onderwerp voor veel betrokkenen zo angstaanjagend, schaamtevol of onbekend is dat er niet over gepraat wordt, hoeveel kans van slagen heeft een zelfhulpboek dan? Een boek dat je moet leren kennen, waar je om moet vragen, een boek waarvoor je het probleem moet her- of erkennen, alvorens je het wilt lezen.
In verstaanbare taal
“De informatie over zelfverwonding moet op verschillende niveaus beschikbaar zijn”, zegt Laurence Claes, één van de twee auteurs van het boek. “Daarom hebben we het boek opgestuurd naar bibliotheken en scholen. De uitgave is bekend gemaakt op zelfhulpwebsites. We zoeken uiteenlopende kanalen om er bekendheid aan te geven.”
Naar aanleiding van haar doctoraatsonderzoek uit 2004 (Zelfverwondend gedrag bij eetstoornispatiënten) vroeg uitgeverij Lannoo Claes en haar voormalige promotor Vandereycken om een boek over zelfverwonding te schrijven voor leken, in verstaanbare taal. Het boek moest de hand reiken aan iedereen die met zelfverwondend gedrag te maken krijgt. En aangezien de meeste mensen die zichzelf verwonden adolescent zijn, moest een deel van het boek zich ook rechtstreeks tot ouders en leerkrachten richten. Het resultaat is een praktisch boek dat zich door de schrijfstijl en de zelftests grotendeels op de jongere richt, maar dat tegelijk een aantal wenken geeft aan de omgeving.
Het taboe is groot
Uit haar dagelijkse praktijk als klinisch psychologe weet Claes dat er veel behoefte is aan zo’n ‘handboek’. “Cliënten vragen me soms of ik het hun ouders wil vertellen, omdat ze hopen dat ik het wél uitgelegd krijg. Nu kunnen ze het boek laten lezen.” Maar ze erkent ook dat het niet eenvoudig is om de juiste groep mensen te bereiken. “Het taboe is erg groot. Direct betrokkenen slaan snel op tilt, zelfs collega-psychologen schrikken nog vaak. Dat is niet vreemd, want het blijft een fenomeen dat gevaren met zich meebrengt. Maar daardoor blijft het taboe natuurlijk in stand. In dit boek willen we het zelfverwondend gedrag zo open mogelijk bespreken.”
Een eerste stap
Door het probleem in een context te zetten, door het beestje bij de naam te noemen, door informatie te geven en met casussen herkenning op te roepen, moet het probleem van zelfverwonding gemakkelijker bespreekbaar worden. De auteurs schrijven echter in hun boek dat mensen die zichzelf verwonden dat doorgaans het liefst voor zich houden. Volgens Claes maakt dat het niet gemakkelijker om met het boek de weg naar de juiste mensen te vinden. Als dat eenmaal is gelukt, verschilt het nog per individu of het daadwerkelijk bijdraagt tot een oplossing voor het probleem. “Voor veel betrokkenen is het een eerste stap. Maar daarna moeten nog vele stappen volgen. Het boek kan hen steunen in dat proces.”
Zelfverwonding Hoe ga je ermee om?
Laurence Claes, Walter Vandereycken
Uitgeverij Lannoo, 2007



http://www.facebook.com/pages/Zelfverwonding-bij-jongeren/394429402812?ref=nf
= facebook pagina over zelfverwonding
Reactie door ine — 17/03/2010